|
VLAAMS BELANG Provincie Vlaams-Brabant |
Deze pagina werd geprint op: 9/9/2010 (20:16)
![]() |
![]() |
![]() |
| Provincie Vlaams-Brabant | ||
|
|
||
|
|
||
Nieuwsbericht
29-Mei-2007
Eerste moslimgemeenschap betoelaagd
Provincie erkent moslimgemeenschap
DIEST De provincie Vlaams-Brabant erkent de moslimgemeenschap Beraat van Diest. Dit betekent onder meer dat de geloofsgemeenschap subsidies kan vragen. Het VB protesteerde fel op de provincieraad. 'Er werden 1.500 Turkse gelovigen opgegeven. Als men weet dat Diest slechts 22.000 inwoners telt waarvan 800 van Turkse afkomst, hoe verklaart men dan dit hoge cijfer?', vraagt Willy Smout (VB). Gedeputeerde Tom Troch (SP.A) stelt dat er zeker controle komt op de juistheid van de cijfers.' (bcz) 20/6/2007 NB Op 29/5 moest de provincieraad advies uitbrengen over de erkenning van de islamitische gemeenschap "Beraat" in Diest.
Het gaat om een primeur, want het is de eerste moslimgemeenschap die in Vlaams-Brabant erkend en gesubsidieerd zal worden. Er zullen er nog heel wat volgen de komende jaren. Uiteraard kantten we ons scherp tegen deze erkenning.
Ook de werkwijze in de raadscommissie van vorige week dinsdag kon voor ons niet door de beugel: het dossier lag immers al drie maanden bij de administratie, en dan werd dat plots bij hoogdringendheid op de agenda geplaatst zonder dat we tijd kregen om dat eerst grondig te bekijken. Onze raadsleden verlieten dan ook uit protest de vergadering.
Willy Smout nam namens onze fractie het woord in de provincieraad. Maar alle andere partijen keurden het voorstel zonder verpinken goed.
Geachte voorzitter, waarde collega’s,
In een enig artikel wordt hier aan de PR gevraagd om een “ongenuanceerd” positief advies te geven aan de Vlaamse regering met als doel de Islamitische gemeenschap “Beraat”, gevestigd op de Vervoortplaats te Diest te erkennen, lees “mee te subsidiëren”. Wij vragen aan de raad van dit niet te doen. Eerst en vooral is er geen historische grondslag tot subsidiëring. Alhoewel ons westers politiek bestel uitgaat van de scheiding van kerk en staat geldt in België nog steeds het keizerlijk decreet van 30 december 1809 op de kerkfabrieken. Dit werd door Napoleon als compensatie ingevoerd voor de materiële schade die de Katholieke godsdienst tijdens de Franse Revolutie had geleden. De Belgische overheid gebruikte deze wet om gaandeweg ook subsidies aan andere godsdiensten (die toen geen schade hadden geleden) uit te keren. Zo werd in 1974 ook de Islam erkend. Andere godsdiensten zoals het Boeddhisme zijn niet erkend. Nochtans lezen we over België in het “Rapport Internationale Godsdienstvrijheid 2006” van de dienst democratie, mensenrechten en arbeid het volgende : “Het gebrek aan officiële erkenning belet een godsdienstgroepering niet haar geloof vrij en open te belijden”. M.a.w. het niet erkennen of subsidiëren van een godsdienst is geen aantasting van de godsdienstvrijheid, wat ook voor onze partij een grondwettelijk recht dient te zijn. Laat daar geen twijfel over bestaan. Laten we vervolgens wat dieper ingaan op de criteria van het reglement van 30/09/2005 van de Vlaamse Regering. Voor ons staat vooral de inburgeringsplicht door de huidige en toekomstige bedienaars centraal, maar ook de conformiteit met de grondwet en het verdrag tot bescherming van de rechten van de mens . Laat ons dat nu even toetsen aan de” Islamitische gemeenschap Beraat”. Op zondag 1 oktober 2006 vond in de annex van de bewuste moskee op de Vervoortplaats te Diest een “integratiedebat” plaats in het kader van de gemeenteraadsverkiezingen. Moderator was Paul D’hoore. Ook het Vlaams Belang nam hieraan deel. Hierbij vielen een aantal zaken toch bijzonder op: -Iedereen sprak er over integratie als een nobel doel, maar men kwam niet tot een duidelijk inhoudelijk beeld: opvallend was dat het hier om een haast zuiver Turkse gemeenschap ging. Ze zou een 180-tal leden tellen waarvan de ouderen ex-mijnwerkers waren (overigens vriendelijke mensen), maar met een gebrekkige kennis van het Nederlands. De imam kwam toen een jaar geleden uit Turkije en heb ik enkel Turks horen praten. Uit gesprekken achteraf vernam ik dat de imam zo om de 3 jaar werd vervangen door iemand anders uit Turkije. Dit is zeker niet bevorderlijk voor de integratie en bewijst dat de bedienaars in de praktijk zeker niet voldoen aan de inburgeringsplicht inzake taalgebruik. - Inzake gelijke behandeling van man en vrouw blijkt het nog steeds een gangbare praktijk te zijn om meisjes apart of zelfs helemaal niet te laten deelnemen aan de LO- of zwemlessen. (De moskee in Tienen, die ongetwijfeld in een volgend stadium zal volgen, heeft gescheiden ingangen voor mannen en vrouwen. Gaan jullie dat ook met de mantel der liefde bedekken ?) Trouwens hoe kan je nu in het algemeen de ongelijke behandeling van man en vrouw binnen de Islamgedachte in overeenstemming brengen met de rechten van de mens? - Het grote struikelblok tot echte integratie blijkt echter de “etnische organisatievorm” die als hoofddoel heeft als gemeenschap voortdurend te blijven groeien NAAST de gemeenschap van het gastland. In 2005 kwam aan de universiteit van Gent een zekere Ruth De Kezel in haar licenciaatsthesis “Als Turkse moslims kiezen” na een grondig en gedetailleerd onderzoek tot volgend overeenstemmend besluit en ik citeer: “Wat ik uit dit onderzoek en deze thesis kan concluderen, is dat het er, ondanks het discours over een Europese islam, in de praktijk geen sprake is van een Europese of Belgische islam die andere, etnische, nationale,… breuklijnen zou overstijgen, maar wel dat er (nog steeds) sprake is van een etnische organisatievorming. “ Deze conclusie van “etnische organisatievorming” werd op 1 oktober 2006 nogmaals geïllustreerd toen ik publiekelijk aan de jonge SP.a –woordvoerder van Turkse origine de vraag stelde of hij als woordvoerder van deze moslimgemeenschap bereid was om op termijn de wil te betonen om zich te assimileren; m.a.w. om Vlaming onder de Vlamingen te willen worden. Hierop kreeg ik het volgende antwoord: “Wat is dat Vlaming worden? Als je daarmee bedoelt dat wij onze godsdienst, taal en cultuur zouden moeten opgeven, dan is het antwoord: NOOIT!” Hierbij aansluitend blijkt uit het antwoord van minister Marino Keulen op een parlementaire vraag van 22/11/06 dat er 34 aanvragen tot erkenning van een islamitische gemeenschap waren binnen gekomen, waarvan 33 een eenduidige etnische afkomst van de gelovigen opgaven. 22 hiervan waren Turks. Opvallend hierbij is toch wel het opgegeven aantal gelovigen. Zo werd voor de moskee Beraat het aantal van 1500 Turkse gelovigen opgegeven. Als men weet dat Diest slechts 22.000 inwoners telt, waarvan hooguit 800 van Turkse afkomst, die dan nog verdeeld zijn over verschillende godsdiensten en moskeeën, hoe verklaart men dan dit hoge cijfer voor één enkele moskee? Werd dit ooit gecontroleerd? En hoe ? Ons lijkt dit een totaal overdreven cijfer, allicht om “het maatschappelijk belang en dito subsidiekansen op te smukken”. . Welke controle gebeurde hierop ? Wat zijn de gevolgen indien blijkt dat dit cijfer onjuist is? Collega’s, gisteren hoorden we nog dat er in Molenbeek een eerste moslimschool in oprichting is, waar de hoofddoek zal domineren. De islam is bezig een staat in onze staat te vormen, en jullie zouden dit nog gaan betoelagen ook ? In West-Vlaanderen gaat de provincie in elk geval niet over één nacht ijs en geeft een negatief advies voor de moskee in Desselgem. Het erkennen en bovendien nog subsidiëren van een dergelijke moslimgemeenschap past niet in de geest van harmonieuze integratie van individuen in onze Vlaamse gemeenschap en wij vragen bijgevolg aan deze raad hierover eveneens een negatief advies uit te brengen. Willy Smout. |
|
|
|
|
|


