|
VLAAMS BELANG Provincie Vlaams-Brabant |
Deze pagina werd geprint op: 9/9/2010 (20:7)
![]() |
![]() |
![]() |
| Provincie Vlaams-Brabant | ||
|
|
||
|
|
||
Persbericht
27-Jun-2007
Debat over beleidsverklaring
Tijdens de provincieraad van 26 juni kwam Nico Creces tussen namens de VB-fractie over de strategische beleidsnota van de deputatie. Fractievoorzitter Jan Laeremans en ondervoorzitter Willy Smout waren om beroepsredenen verontschuldigd. Toen hij de tussenkomst voorlas, verliet een deel van de meerderheid de zaal op het ogenblik dat hij ironisch voorstelde om misschien ook spuwbakken te gaan subsidiëren. Hiermee verwezen we naar een op RingTV uitgezonden nieuwsreportage van een week geleden. In een Wemmelse sporthal stelde het onderhoudspersoneel vast dat een voetbalploeg de zaal iedere keer onderspuwde en het vuilnis overal liet slingeren. Er werd letterlijk gezegd dat bepaalde gebruikers omwille van hun geloof hun speeksel niet mochten inslikken. Er werden nu spuwbakken geplaatst en boetes voorzien. Zoiets is toch gewoon niet te tolereren! Met onze tussenkomst hebben we op geen enkele manier een hele bevolkingsgroep willen stigmatiseren, wel het beleid van de provincie aanklagen dat erin bestaat om zoveel mogelijk eieren te leggen onder alle nieuwkomers, vanwaar ze ook zijn, en wat hun gebruiken ook zijn. Wij vinden niet dat wij ons moeten aanpassen. De ironie blijkt duidelijk uit de woordjes "misschien kunnen we", maar dat is blijkbaar velen ontgaan, wellicht ook omdat ze de reportage op RINGTV niet hebben gezien. Ironie kan soms een gevaarlijk middel zijn. We geven toe dat die passage gerust weggelaten had kunnen worden, omdat ze allerminst essentieel is voor het geheel. Uiteraard is het onze bedoeling niet om dat soort dingen te gaan doen. Maar de draak steken met een multikulbeleid is onvergeeflijk. Daar wordt niet mee gelachen in dit land. Sommige journalisten vinden zo'n uitspraken blijkbaar interessanter dan de rest van het verhaal en geven als titel “VB'er wil spuwbakken voor rochelende minderheidsgroepen”, wat een schoolvoorbeeld is van desinformatie naar de lezers. Hieronder vindt u de integrale tekst, waarvoor ik als fractievoorzitter de volledige verantwoordelijkheid op mij neem. Mocht u nog vragen hebben hierover kunt u steeds bij mij terecht. Tussenkomst strategische nota 2007-2012 26/6/2007 Mijnheer de voorzitter, geachte collega’s, Vorige week heeft deze provincieraad unaniem een van onze belangrijkste verkiezingseisen goedgekeurd, namelijk een strenger reglement en een aangepast tarief voor niet Vlaams-Brabanders in onze recreatiedomeinen. In de strategische beleidsnota worden nog twee maatregelen voorgesteld waar wij duidelijk voor gepleit hebben: een beperking van het aantal personeelsleden en een belofte om de provinciale belastingen niet te verhogen. Als u die twee toezeggingen kunt waarmaken, zal dat al een hele prestatie zijn. Want ze vallen moeilijk te rijmen met de bijbel van 82 bladzijden die u ons heeft bezorgd. Hij valt alleszins te gebruiken in 2011 om een teveel aan kandidaten voor de provincieraadslijsten weg te helpen filteren: wie na deze lectuur nog in staat is om op een witte lijn te lopen of een sms-bericht te verzenden, die is gek genoeg om in 2012 naar Leuven te sturen. De anderen belanden misschien in Kortenberg of Sint-Alexius in Grimbergen. Alle gekheid op een stokje, maar als je deze nota hebt doorgenomen, moet je je toch afvragen waarmee de provincie zich NIET bezighoudt? En als je dat allemaal wil realiseren, kom je toch niet toe met je centen en je personeel? Er zal dus nog fameus gesnoeid moeten worden om alle wensen en beloftes van de verschillende diensten binnen de perken te houden. Ik ga u vandaag niet vervelen met allerlei detailopmerkingen. Voor ons zijn er twee hoofdredenen om deze strategische nota niet goed te keuren, en die hebben we ook al aangehaald bij het debat over de beleidsverklaring. Eerst en vooral is de deputatie veel te weinig bekommerd om de verBrusseling van onze provincie, anderzijds – en dat hangt er natuurlijk mee samen – kan ze maar niet genoeg krijgen van het behagen van de zogenaamde “minderheden” en het cultiveren van de heilige diversiteit. In januari hebben we u al gewezen op de enorme verfransing en verBrusseling; de cijfers van de jongste verkiezingen hebben dat nog véél scherper aangetoond. Als we naar Brussel-Halle-Vilvoorde kijken, zien we dat de Vlamingen in Brussel een kwart van hun kiezers verliezen en met 53000 nog amper 11 % van de stemmen halen. De Franstaligen in Halle-Vilvoorde daarentegen winnen bijna 12.000 kiezers en stijgen met ruim 3% naar 22 %. In het kanton Zaventem halen zij bijna 40 %! Hiermee wordt nog maar eens bewezen dat er, in tegenstelling tot hetgeen werd beweerd in de gemanipuleerde studie van VUB-professor Deschouwer, van “electorale integratie” geen sprake is en dat de splitsing van de kieskring meer dan ooit een prioriteit is. Daarnaast moeten er dringend maatregelen worden getroffen die de inwijking vanuit Brussel tegengaan. Maar voor de provincie Vlaams-Brabant is er niets aan de hand, er is gewoon geen probleem. We zullen de nieuwkomers wel Nederlandse lessen aanbieden, op onze kosten wel te verstaan. Wanneer gaan jullie nu eens eindelijk leren dat zo’n houding totaal onvoldoende is tegenover de imperialistische bedoelingen van MR-FDF, CDH en Parti Scandaleux? Wie sinds 10 juni het nieuws heeft gevolgd, ziet toch meteen het verschil tussen het overduidelijk NON van de Franstaligen tegen verdere staatshervorming en splitsing van de kieskring, en de houding van CD&V-N-VA die al meteen lieten verstaan dat er een uitstel bespreekbaar was tot in 2009. Wanneer leren wij nu eens om de belangen van onze volksgemeenschap boven alle ministerpostjes te stellen? Dan komen we tot de andere, linkse kant van het verhaal. Al meer dan twintig jaar voeren de regeringen en andere overheden in ons land een open immigratiebeleid, waarbij ze de kop in het zand steken voor alle problemen die daarmee gepaard gaan. Zijn er spanningen tussen autochtonen en allochtonen, dan is dat de schuld van de onverdraagzame inheemse bevolking en bestrijden we dat racisme met een inquisitiecentrum en provinciale meldpunten. De nieuwkomers zelf geven we een prinsheerlijk onthaal, zowel in het OCMW als de gemeentehuizen, met nu ook provinciale tolken in alle wereldtalen, onthaalbureaus, integratiecentra, integratieraden, integratiediensten, inburgeringsplatformen, inburgeringstrajecten, diversiteitsplannen, minderhedenbeleidsplannen, projecten voor sociale cohesie, beeldvormingsacties, ondersteuning van etnisch-culturele minderheden, leerkrachtenstages in een multiculturele context, nu ook al een behoeftedekkend aanbod van slachtplaatsen voor het jaarlijks offerfeest, en we zijn nog minstens de helft vergeten. O ja, in onze sporthallen kunnen we misschien nog een behoeftedekkend aanbod aan spuwbakken gaan subsidiëren, want in Wemmel hebben ze onlangs moeten vaststellen dat bepaalde minderheidsgroepen voor hun geloof hun speeksel niet mogen inslikken en de sporthal wordt ondergerocheld. En als de mammobiel een deel van de zogenaamd “kwetsbare groepen” niet bereikt, kunnen we hem misschien groen schilderen en imam-mobiel noemen. Leve de weg-met-ons-mentaliteit. Collega’s, in deze nota heb ik het woord “aanpassen” wel zes keer teruggevonden, maar dan telkens als het gaat over onze eigen subsidiereglementen. Nergens wordt er aan de nieuwkomers duidelijk gemaakt dat zij zich moeten aanpassen aan onze cultuur, dat zij zich moeten integreren, dat zij onze taal moeten leren. Het woordje “plicht” bestaat niet in uw wollig woordenboek. Geen wonder dat er zo weinig integratiebereid bestaat bij vele allochtonen en dat je meer en meer vreemde eilandjes krijgt in onze samenleving. In de meeste landen rondom ons wordt er intussen afgestapt van die multiculturele utopieën, en stelt men van in het begin strenge eisen aan nieuwkomers. In Duitsland promoten de christendemocraten de Duitse Leitkultur in plaats van minderheden; ook in Nederland en Frankrijk gooit men het roer om, in Denemarken verstrengde men de regels voor familiehereniging. Zo moet een buitenlandse huwelijkspartner tenminste 24 jaar oud zijn, moet er een bewijs van verbondenheid met Denemarken kunnen worden geleverd, moet men in het thuisland een bewijs kunnen leveren dat men het Deens voldoende machtig is en voldoende kennis heeft van de Deense cultuur. In ons land stelt de overheid, ook de provinciale, geen enkele eis. Momenteel beseft de meerderheid blijkbaar nog steeds niet dat ze hier op het verkeerde spoor zit. “Gastvrij maar niet gek” blijft onze leuze, en het Vlaams Belang zal uw beleid op dat vlak de komende jaren blijven aanklagen. Jan Laeremans Fractievoorzitter Vlaams Belang 02/269.00.73 0486/76.07.34 |
|
|
|
|
|


